boomthema7oef7

type het juiste woord

invullen
Vul het juiste voltooid deelwoord in.

(wonen) Peter heeft drie jaar in Brussel .
(kopen) Marjan heeft een nieuwe spijkerbroek .
(horen) Heb je gehoord wat er op het station is ?
(spreken) Na de les heeft Enrico nog even met de docent .
(kijken) Na het eten hebben we nog een uurtje televisie .
(nemen) We hebben de trein naar Maastricht .
(koken) Eline heeft lekkere soep .
(drinken) Gisteravond hebben we te veel biertjes .
(sturen) Ik heb je een e-mail .
(slapen) Heb je lekker ?