Bijvoeglijknw1

Vul het bijvoeglijk naamwoord in. Soms komt er een e bij.



vul het bijvoeglijk naamwoord goed in. Soms komt er een e bij.

Vincent beschrijft zijn huis

Vroeger woonde ik in een (ruim) appartement, maar nu heb ik een (modern) huis.
Mijn huis heeft een (geel) muur met (blauw) ramen en een (bruin) deur. Als je
binnenkomt, kom je in een (klein) halletje. Daar staat een cactus. Als je uit
het halletje komt, kom je in de eetkamer. Daar staat er een (rond) tafel met
vier (gelijk) stoelen. Op elke stoel ligt een (zacht)
(rood) kussen.
In mijn slaapkamer staat een (zacht) bed met een heel
(groot) matras. Ik slaap onder een (warm) deken.
Heel de slaapkamer is blauw. Ik heb dus een (blauw) slaapkamer. Zelfs mijn
(schattig) kastjes zijn blauw. Zo heb ik het gevoel dat ik in de wolken ben.

Hond Laila beschrijft haar tuin

Mijn baasjes wonen in een (leuk) huis met een
(groot) tuin. Ik mag elke dag vrij rondlopen in die tuin. Het grootste stuk bestaat uit
(mals) (groen) gras. Ik ben dan wel geen koe, maar
toch geniet ik graag van dat (lekker) gras. Sst, niks zeggen tegen mijn
baasjes hoor!
Naast het stukje gras, hebben mijn (lief) baasjes ook een perkje met
(prachtig) bloemen. Tussen die bloemen ligt lekker
(zacht) aarde. Soms kriebelen mijn (lang) poten
om daar een (diep) kuil in te graven. Als mijn baasjes me betrappen, roepen
ze (stout) hond.

Gustje de kat vertelt over zijn leven

Ik heb echt een luxeleven. Ik ben nogal een (lui) kat. Het liefst van al lig ik de
hele dag in mijn (zalig), (zacht) mandje. Dat
mandje staat op de vensterbank in de zon. Ik kan er de (heel) dag liggen
genieten.
Ik haat het om naar buiten te gaan. Gelukkig houdt mijn baasje me altijd binnen in zijn lekker
(warm) huis. Ik heb daar een (proper) kattenbak
staan en altijd (vers) eten en (schoon) water ter
beschikking.Ik ben echt een heel (gelukkig) kat.