terug
index.htm
volgende oefening
volt17
Vul het voltooid deelwoord in. Veel sterke werkwoorden.
1. (bedenken) Wat hebben jullie
?
2. (gebruiken) Heb jij mijn fiets
?
3. (besluiten) Wat hebt u
?
4. (herhalen) Heb je het hoofdstuk
?
5. (onderzoeken) Heeft u dat
?
6. (herkennen) Heeft de leraar hem
?
7. (bestellen) Heb jij thee
?
8. (verstaan) Ik heb u niet
.
9. (onthouden) Ik heb dat goed
.
10. (verdienen) Hoeveel heb je
?
11. (overlijden) Mijn moeder is
.
12. (bewijzen) Is dat
.
13. (verbieden) Ik heb het voetballen
.
14. (bezoeken) Hebt u Bas
?
15. (verkopen) Hebben jullie je huis
?
16. (ontmoeten) Ik heb Bas gisteren
.
17. (veranderen) Ik heb de brief
.
18. (besluiten) Laura heeft dat
.
nakijken
OK
terug
index.htm
volgende oefening