volt19

Vul het voltooid deelwoord in. Kijk naar het hele werkwoord. Haal en weg. Gebruik dan pas softketchup of 't kofschip.


Kijk naar het hele werkwoord. Haal de en weg en gebruik softketchup of 't kofschip.

1. niezen...Ik heb veel .
2. vrezen...Ik heb dat ik zou vallen.
3. leven.....We hebben goed in de vakantie.
4. beven....Ik heb toen ik die enge man zag.
5. zeven....Het zand moet eerst worden.
6. verven..Het huis is mooi .
7. verbazen...Het heeft mij dat hij de weg gevonden heeft.
8. razen...Het verkeer is langs ons huis .
9. schaven..Hij heeft zijn hand met het vallen.
10. lozen...Hij heeft het afvalwater in de sloot .

11. schrobben....Juf Marlene em Michaela hebben de vloer van de school mooi .